31 oktober 2008

het gras aan de andere kant...

Ongeveer 6 jaar ben ik nu al thuis.  Niet aan een stuk door, ik kom dagelijks wel eens buiten natuurlijk.  Maar zolang ben ik wat men tegenwoordig 'TBM' pleegt te noemen.

Thuisblijfmoederen, ik ken hopen mensen die er van dromen.  Geen stress, geen opvangproblemen.  Tijd voor de kinders, tijd voor jezelf, tijd voor je huis. Allemaal waar.  Zeker wanneer je kinderen allemaal een hele dag naar school zijn en er in de dag niks te moederen valt.  Je kan uren telefoneren met andere bevoorrechten, boekjes lezen, op het gemak naar de supermarkt zonder samen met alle andere loonslaven te moeten staan zenuwen in de lange avondrij aan de kassa.

Je avondeten is voor het aperitief al voorbereid, je kind kan onder jouw wakend oog het huiswerk doen nog voor de kinderprogramma's op TV in volle hevigheid losbarsten, er is nog tijd voor een spelletje memory (helaas).

Je hebt 's middags de gelegenheid om met vriendinnen te gaan eten, de Humo stapelt zich niet op, je feeds worden tijdig bijgelezen, er is niemand die je zegt wat je moet doen of net niet.

Dat je van de weeromstuit luier en luier wordt, het huis nog steeds ontploft lijkt en de strijk evengoed slechts 1 keer in de week, met tegenzin dan nog, weggewerkt wordt, dat zijn bijkomstigheden, slechts te wijten aan je eigen gemakszuchtige natuur en het feit dat je het karakter van je vader en niet van je moeder hebt.

Een droomleven dus.  En toch, lezertjes, besluipt mij de laatste tijd heel onverwacht en nooit gedacht, al eens eens een gevoeltje van verveling.  Een verzuchtinkje van onnut.  Een kriebeltje om uitdaging. En dan zit ik, op een luie, lange middag in de zetel, mét boek, een geeuw te onderdrukken.  Een geeuw van geestelijke leemte.

Want zelfs al moest ik een Perfect Opgeruimd Huis nastreven, een lege strijkmand ambiëren en elke dag een driegangenmenu op tafel zetten, dan nog zou het brein niet geprikkeld worden, de grenzen niet verlegd. En laat ons eerlijk wezen : hoe lang blijft een Opgeruimd Huis opgeruimd? Een uur? Meteen ook de reden waarom ik dat alles niet doe.

Echter : gaan werken als het niet hoeft, een opvangprobleem creëren, moéten presteren, misschien wel kutcollega's en een draak van een baas krijgen,  op teambuilding moeten, haast en spoed als dagelijkse metgezel?  Nee, nee. Ja. Nee toch niet. Misschien. Nee. NeeneeNEE. NEE dus.

En zo schrijft uw huisvrouw dan nog maar her en der een stukje. En schilt heupwiegend op een of ander liedje haar aardappels, of wokt haar wok en probeert haar minderjarige kroost in bedwang te houden en lacht en grapt wat met de meerderjarige nazaat.

En voor diegenen die het willen wagen om vrijwilligerswerk te suggereren : laat maar, de filantroop in mij zit nog verder weg dan de actieve beroepsbevolkingdeelnemer.  Maar toch vriendelijk dat u mij wou bijstaan in dit moment van existentiële crisis! Bedankt! Effenaf!

28 oktober 2008

Stop de persen!

Want ik heb voor de allereerste keer gewonnen met Memory van Kleine Vogel!  Na jarenlange schaamtelijke nederlagen won ik niet één maar zelfs twee spelletjes. Toegegeven, het was een minimemory met niet meer dan een dertigtal kaartjes, maar dat is het meestal.

Triomfantelijk telde ik mijn buit en kon nog net een 'MWOEHAHA' binnenhouden. Maar ik dacht hem wel. Een derde spelletje sloeg ik af onder het mom van eten moeten maken (reeds om 16h, maar het kon opgewarmd worden), want ik wou mijn euforie niet ten gronde richten door alsnog een ronde te verliezen.

Volgende keer poker of zo. Om grof geld. Haal uw tandenfeecenten maar al boven, Vogel!

 

27 oktober 2008

Het spijt ons, Dr. Bené! Maar niet echt.

Een conservatief kleed, dacht ik. Tot Zoon mij vroeg wat ik in hemelsnaam aanhad. Iets moois, bitste ik hem toe. Maar wel raar, vond hij. Toen verzocht Mme. Z mij om, moest ik willen verongelukken, het op de heenweg te doen, dan moest ze niet betalen in het restaurant. Ik heb zoveel fijne mensen om mij heen!

Het begon alleszins heel deftig.  We hielden giechels onder controle, ik moest nog even een noodoproep van een vriendin tijdens het aperitief afhandelen, maar dat ging allemaal vlot en zonder morsen van de hapjes.

Het publiek riep grotendeels beelden op van fossiele brandstoffen, maar dan zonder brandstoffen.  De dame naast ons, minstens 70, had een jeans aan, Een Texasbroek Begot! En dat voor een keurige oude vrouw!

Bij het roken in de open veranda entertainde Mme. Z telkens de andere rokers. Of ondervroeg hen, daar ben ik niet helemaal uit. Een keer vluchtte ik schielijk naar binnen, toen een dronken manspersoon rare mouvementen deed, nét iets te dicht bij mij. Aangerand in de veranda dus.

Mme. Z. had blijkbaar een moussen HemaBH aan, zo mocht ik vernemen na de dringende vraag of ik naar haar borsten wou kijken.

Ze maande mij ook streng aan om mijn MOND af te kuisen voor ik dronk, zodat mijn glas voor één keertje eens deftig zou blijven.

Zij vond de pastinaak lekkerder dan de aardpeer, ik dan weer niet.

Haar patrijs wilde zich niet laten snijden, hij gaf dus niet mee.

Het koppel langs de andere kant van de Texasbroek wilde graag een praatje slaan. Maar ik wed dat de mannelijke helft, Dokter Bené zoals we hem al spoedig doopten,  (een radioloog begot, verzuchtte Mme. Z) daar na een tijdje al dik spijt van had. Maar dat was niet voor hij de pertinente vraag stelde of wij een lesbisch koppel waren.  Het is zo eens iets anders dan de gebruikelijke vraag of we zussen zijn, dat dan weer wel.

We maanden hem aan om lief te zijn voor zijn vriendin en al de andere dingen die u in het vorige stukje kon lezen. Zij was het daar volmondig mee eens.

In onze rode wijn, troffen we op het laatst boomschors aan. Bezinksel meende de bedienende dame. Onsmakelijk vonden wij beiden.  En het was nog wel zo'n lekkere wijn, evenals de andere flessen. Aan ons hebben ze geen profijt gedaan!

6 gangen, plus koffie en koekjes, dat zijn veel gangen in dat huis!

Mme. Z. verzocht mij op het toilet een rol WCpapier mee te smokkelen in mijn grote sjakosj, want het hare thuis was op. Ik nam een halfje mee en hing een volle terug in de plaats. De rol zit nog altijd in mijn sjakosj want natuurlijk vergat ik hem haar achteraf te overhandigen.

De dokter en zijn vriendin vergezelden ons nog naar de bar voor een afzakkertje, dus zo vreselijk vond hij ons dan misschien toch niet.

Bij het buitengaan wilde de garçon ons respectievelijk een kort jasje in pied-de-poule en een even kort jasje met een bloemetjesmotief aanreiken, waarop ik hem zei dat hij dat onmogelijk kon menen en Mme. Z. vroeg of wij eruit zagen als beenhouwersvrouwen.  Daar moest hij hartelijk mee lachen. En wij ook, weeral.

Met de juiste jassen aan vertrokken we, ik met nog een uur rijden voor de boeg. Gelukkig veranderde ergens onderweg het uur. Dat gaf het gevoel dat ik helemaal niet ver moest.

Deftig uit eten, het is ons misschien toch niet echt gelegen, maar lol dat we hadden!

 

 

 

26 oktober 2008

Het WTF moment van Dokter Bené.

Zoek het! Of zoek ze allemaal! Eigenlijk waren dit mogelijke titels voor een stukje over het etentje met Mme. Z.

We weten niet of Dokter Bené een fijne avond heeft gehad, maar zijn vriendin alleszins wel. Het geeft niet als u er niks van snapt, opheldering komt dra!

-En de patrijs gaf niet mee.

-MOND MOND MOND!

-Pastinaak is toch lekkerder dan aardpeer. Echt wel NIET!

-Mousse, HEMAmousse. (kijk eens naar mijn borsten)

-Zie dat uw WCpapier niet valt.

-Aangerand in de veranda

-Zijn jullie een lesbisch koppel?

-Een radioloog begot!

-We kwamen boomschors tegen

-Zoveel gangen in dit huis!

-Wees lief tegen uw vriendin, neem kinderen, neeee neem geen kinderen, koop haar een Delvaux sjakosj, ze verdient het!

-Een Texasbroek begot.

-Een pied-de-pouleke BEGOT! Zien wij eruit als beenhouwersvrouwen?

 

 

25 oktober 2008

Wij zijn dames. Of dat zullen we toch moeten trachten te zijn vanavond.

Vanavond ga ik zeer deftig eten met Mme. Z. Denk zéér deftig.  We moeten dus beschaafde, gedempte conversaties voeren.

Over geciviliseerde onderwerpen die niet te veel aanleiding kunnen geven tot hilariteit, gekibbel, weidse armgebaren en overdreven decibelgebruik.

Ter sfeermaker zal ik alvast het ernstigste kledingstuk uit mijn kast aantrekken.  Slechts enkele randen daarvan zijn vrolijk, en die zal ik proberen mijden, blikgewijs.

Conversatie dus.  Ik heb geen idee waarover we het dan gaan hebben.  Fortis en BHV? Honger in de wereld? Nee die laatste zou ongepast zijn bij het naar binnen werken van 6 gangen.  Het weer? De regering? Auto's?

Zucht.  Als dat maar goed komt.

 

 

24 oktober 2008

Zo hip en zo trendy!

Zei Janina! En ik ging van HA! Maar dat kunt u daar lezen.  Mijn mobiel internet dus.  Picture u een dozeke dat u door middel van een usb poort in uw laptop plant. Een dozeke met een simkaart in. Dezelfde als in uw gsm zit.

Dus als ik op de manège zit heb ik evenveel bereik als met mijn GSM. Dat wil zeggen : normaalgezien net genoeg om mee te telefoneren maar niet genoeg om iets tegen een fatsoenlijke snelheid door de schootzitter te jagen.  En dan ging ik van, 'oh, laat ons dat even opzoeken', want ik heb altijd mijn minicomputer bij, zijnde een ASUS speelding, eigenlijk voor kinderen bedoeld, dat perfect in eender welke sjakosj past, geen CD-rom kan herbergen maar wel supersnel opstart en slechts nog geen kilo weegt. En wij hebben daar na het rijden natuurlijk altijd zeer ingewikkelde en hoogdravende gesprekken.  Of we willen misschien gewoon opzoeken waar BHV nu precies ligt, dat kan ook. En what the hell al de commotie daarrond is. 

Maar kom, opzoeken dus.  En dan gaat het niet vooruit.  Want de GSM-masten in het rurale gebied waar mijn paarden gestald staan, zijn niet zo dikgezaaid. En daar sta ik dan hip en zo trendy te wezen. 

Tot ik spiedde dat de Zoon van de cafébaas aldaar een netwerk bezat, draadloos edoch wel beveiligd.  Maar niet voor lang.  'Beste P.', ging ik.  'Zeg aan uw zoon dat hij zijn beveiliging afzet, we zitten hier in het midden van nergens, wat zeg ik : het hol van Pluto is er niks tegen, dus waarom moet dat beveiligd zijn.'

Sindsdien kan ik ook supersnel opzoeken waar BHV ligt.  En wat de commotie daarrond nu precies inhoudt. En blij dat we daar mee zijn, u hebt er geen idee van.

Allengs afgrijselijker

De schoolfotograaf heeft weer zijn ronde van Vlaanderen achter de rug. Nu, naar mijn bescheiden opinie, bestaan mooie schoolfoto's niet na de kleuterschool. Of misschien zelfs niet na de eerste kleuterklas.  Van het moment dat het daagt dat er geposeerd moet worden voor een scherm met ergens langszij een lichtbron, is het naar de knoppen.

Eerst kwamen die van Zoon.  Hij kijkt een beetje raar.  En excuseer mij dat ik geen betere omschrijving vind, maar raar dekt de lading wel.  Zoon is knap IRL. En toch heb ik nog niet veel fatsoenlijke schoolfoto's van hem onder ogen gekregen.

Gisteren dan die van Kleine Vogel.  Zij is sowieso al geen lachebekje maar op deze foto staat ze alsof ze wil zeggen 'Eén verkeerd woord en ik djoef op uw bakkes, eikel'.  Enkel de opgestoken middelvinger ontbreekt  nog. Misschien kan ik hem erbij photoshoppen.

Nee, schoolfoto's zijn gewoon de voorloper van de eveneens altijd gruwelijke pasfoto's. Beide een noodzakelijk kwaad, maar nu niks om mee uit te pakken over het algemeen. Gelukkig is daar altijd nog de bomma om te zwijmelen over de kleinkindportretten.  En daar tellen we dan graag 12,5 € per nakomeling voor neer.

21 oktober 2008

Een afgesneden oor en andere oninteressantigheden

decoration
Eén tot tweemaal daags hou ik samen met Mme. Z. een opruimronde terwijl we telefoneren. Ter motivatie zoiets.

Eigenlijk had ik mij gisteren al lusteloos in de zetel geplant, toen ze belde voor ronde 2. Dan toch maar de keuken fatsoeneren want ze had Verhalen.  Spannende Verhalen. 

Er was het Verhaal van een bijna valpartij.  En noteer vooral de 'bijna'.  En een verhaal over een lege gasfles en een gesprongen plomb. Oh en een kapotte microgolfoven.  Ik vroeg net of ik geen dutje mocht doen tijdens de Verhalen want onze interpretatie van het woord 'spannend' leek mij toch net even te ver uit elkaar te liggen.

Maar toen kwam het verhaal van het Afgesneden Oor.  Ik legde terug al mijn aandacht bij de giechelende stem die door mijn telefoon kwaakte, want wie wil er nu geen verhaal waar afgesneden lichaamsdelen in voorkomen?

Ik wed dat U op dit eigenste ogenblik op het puntje van uw stoel zit, bijna hyperventilerend van verwachting.

Wel, ik ga het niet vertellen.  Want het was al even saai als de gesprongen plomb. Terwijl er echt wel bloedstollende, wat zeg ik : ijzingwekkende kreten en een afgesneden oor in voorkwamen.  Zelfs blood and gore kunnen sommige anecdotes niet goedmaken. Als wraak wou ik haar mijn zeker even saaie brandwond en gesmolten bakjesverhaal doen, maar dat had ik al verteld, onderbrak ze mij.

Toen zijn we maar samen In de gloria gaan kijken. Want zelfs de 27ste herhaling daarvan was onderhoudender dan onze belevenissen. En gelukkig was er daarna nog Top Gear.

 

(on)evenwichtig

Zaterdagmiddag.  Ik denk diep na over mogelijke maaltijden voor die avond.  Alleen voor Zoon want het blijkt dat Vogeltje elders eet. Ik kijk eens in de diepvries en ontwaar een vergeten bakje.  Ik trek het deksel er af en zie aardappels. En vlees.  Maar geen idee wat ze samen moeten voorstellen.

Het bakje wordt in de oven gekeild om te ontdooien. De ontdooistand doet niks, het instructieboekje is nog steeds zoek, dus ik draai de oven maar gewoon aan.

Zoon komt schouwen en meent dat het er 'goor' uitziet.  Ik vertel hem dat stoofpotjes er altijd goor uitzien in bevroren toestand en dat als de nood het hoogst is, we nog altijd Quick kunnen halen.

Een tijdje later, misschien een beetje té laat, trek ik de ovendeur open om te zien in hoeverre het bevroren blok zijn geheimen reeds heeft prijsgegeven. En ik zie dat het bakje aan het smelten is.  Met mijn suffe zaterdaghoofd had ik niet bevroed dat een oven op nietontdooistand en een plastic bakje geen goede combinatie vormen.

Ik ruk snel het bakje er uit en, wat had u gedacht, verbrand terwijl de bovenkant van mijn hand aan de verwarmingselementen.

Inhoud wordt in een pot gekwakt om verder tot leven te komen, want ach er hangt toch geen gesmolten plastic aan. Een smakelijke rundsschotel, komt tevoorschijn.

En terwijl we eten bedenk ik dat ik nu mooi symmetrisch ben. Want de verse brandwonde op mijn rechterhand staat op exact dezelfde plaats als een oud litteken op mijn linker. We hadden beter Quick gehaald.

 

18 oktober 2008

Uw afkomst ontleed? NRC weet alles!

Deze week bij de post : een mailing van NRC De Week.  Aan Dhr. X. Ok, daar kijken we even over alhoewel mijn eerste reactie was om hen een mail te sturen met de vraag wannéér ik dan wel precies die geslachtsoperatie ondergaan zou hebben en of ze de chirurg in kwestie dan misschien kunnen aanklagen in hun ongetwijfeld schitterende weekblad voor de mislukte ingreep, want ik kan nog altijd niet rechtopstaand plassen bij mijn weten. Of toch niet verder dan enkelafstand.

Maar laat ons voort gaan : ze beweren dat hun weekeditie van het NRC Handelsblad (kleurrijk! overzichtelijk!) bij uitstek geschikt is voor Nederlandstaligen die langere tijd in het buitenland werken of wonen.

Op de keper beschouwd hebben ze uiteraard geen ongelijk.  Wat hen, zijnde Nederlanders, betreft woon ik natuurlijk in het buitenland en ik ben Nederlandstalig, zij het met een bij wijlen onbedwingbaar Antwerps accent.

Maar wat ik me blijf afvragen, is hoe ze weten dat ik inderdaad een kwart Nederlands bloed door mijn aders heb lopen.  Big brother werkt bij NRC. Ik ben er zeker van.